Posts tonen met het label gedachten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gedachten. Alle posts tonen

maandag 20 september 2010

Kaartenhuisje

Het bleef hier de laatste tijd behoorlijk stil, hé?
-
Het ging/gaat voor het ogenblik opnieuw even wat minder met me. Ik heb het wat moeilijk met mezelf. Ik heb soms het gevoel alsof ik boven op een wankel kaartenhuisje sta. Het evenwicht dat ik daar vind, kan vlug verstoord worden. Ik heb weinig verweer tegen elke windvlaag die voortkomt uit veranderende situaties of uit bepaalde (kleine) problemen en gebeurtenissen. Meestal blijk ik niet bij machte daar afdoende op te reageren. Ze maken me onzeker, soms angstig en machteloos. Ze zorgen ervoor dat ik verward ben en niet naar behoren kan functioneren. Ik vergeet constant dingen, kan me niet concentreren, kan geen beslissingen nemen, doe 'domme' dingen. Soms stort mijn huisje helemaal in elkaar.
De oorzaken van deze toestand liggen gedeeltelijk in mijn persoonlijkheid, maar zijn zeker ook te zoeken in mijn burn-out. En misschien heeft die uitzonderlijk sombere, voorbije maand er ook iets mee te maken?
Misschien hadden jullie, via mijn blog, de indruk dat ik meestal alles goed onder controle heb, evenwichtig ben, goed in mijn vel zit. Dit is ook zo... tot ik mijn afgeschermde eilandje of mijn onbereikbare luchtkasteel moet verlaten en mij moet bewegen in de harde realiteit...
-
In die omstandigheden bleek het niet mogelijk om mij ook maar enigszins te concentreren op het bloggen. Vandaar de eerder lange stilte.
De laatste dagen lijk ik een iets stabielere positie gevonden te hebben. Misschien lukt het binnenkort wel weer.
Niettegenstaande er hier weinig te beleven valt, zijn er toch mensen die blijven reageren. Dat doet me goed! Van harte dank daarvoor.
Heb nog even geduld... ik ben hier en daar nog wat steunpilaren en draagbalken aan het plaatsen om mijn kaartenhuisje wat steviger te maken. Tot... :-)

donderdag 1 april 2010

denk beelden droom gedachten
-

woensdag 31 maart 2010

Weekboek

hoofdstuk 12

 Gouden lepeltje viert feest: zijn eerste levensjaar is volbracht !


 Daarom heb ik mijn geesteskind even uitgelaten en in de bloemetjes gezet :-) 


Op de dag dat ik de zeilen hees en mijn blogreis begon, wist ik helemaal niet welke richting ik uit zou varen. Het vertrouwde vasteland bood me weinig vooruitzichten. Heel voorzichtig maar ontzettend nieuwsgierig begon ik dit avontuur, vertrouwend op de internetwinden. Ze voerden mij naar Blogger, de blogspot van Google.

Toen ik eind maart 2009 mijn eerste stap aan land zette, betrad ik een totaal vreemde wereld. Ik bouwde een plekje voor mezelf en gaf het de naam ''Gouden lepeltje'  (vanwege de rijstpap waar ik zo gek op ben). Ik gaf het een kleurtje en creëerde een sfeertje. Toen ik mij gesetteld had, trok ik op verkenning in dit, voor mij onbekende, doch vermaarde Blogland. Tijdens mijn eerste tochten, maakte ik kennis met enkele leden van de lokale bevolking. Gelukkig waren ze vredelievend, vriendelijk en werd ik meestal hartelijk verwelkomd. De taal had ik nog niet helemaal onder de knie. Woorden als logje, webbie, knuf, xxx verrijkten mijn taal. Maar uitdrukkingen als :-) en ;-) bleven lange tijd een raadsel. Wist ik veel, dat webloggers de dingen nogal eens vanuit een ander standpunt bekijken… Sommige onder hen maken ook veelvuldig ‘klik’ of ‘klikkerdeklik’ geluiden. De voornaamste bezigheden van dit ras zijn fotograferen, dagboeken schrijven, dichten, kunsten maken, filosoferen. Ze hebben vooral aandacht voor de mooie kanten van het leven en laten dan ook geen gelegenheid voorbij gaan om hihi, hahaha, whahahaa, @@@ uit te roepen.

Toch voelde ik me soms onzeker: wat moest ik hier in hemelsnaam beginnen? Kon en mocht ik in dit land mezelf zijn? Was mijn bijdrage enigszins nuttig, boeiend of interessant?
De blijken van waardering en de motiverende woorden gaven me voldoende antwoord. In dit land vond ik opnieuw vertrouwen in mezelf en bouwde er een aardig 'leven' op. Bijna dagelijks spon ik een nieuwe draad en schiep zo mijn eigen plaatsje binnen het grote web.

 Daarom ben ik dankbaar voor elke 'bewoner' die mij vereerde met een bezoekje!



Hoe het verhaal verder gaat, is ook voor mij een raadsel. Hoelang blijf ik hier? Zolang als ik motivatie vind, zolang ik er mijn creativiteit kwijt kan, zolang er vrienden langskomen, zolang als ik er plezier aan beleef...

Een verjaardag is eveneens een geschikt moment voor een terugblik. Ook om eindelijk eens dat blogger gadget  'enquête'  uit te testen. Daarom heb ik een lijstje samengesteld met 10 van mijn log-reeksen van het afgelopen jaar.
*** Mag ik vragen om in de lijst, bovenaan in de rechterkolom, één, twee of drie van jullie favoriete thema's aan te kruisen (liefst niet allemaal aanklikken, anders wordt deze 'poll' zinloos :-)). Een aardigheidje voor mezelf. Alvast bedankt.***
(Kijk even bij de 'Labels' als het geheugen niet zo goed mee wil :-))



woensdag 24 maart 2010

Weekboek

hoofdstuk 11

Deze week geen ingewikkelde theorieën, naïeve idealen of innerlijke ontboezemingen.
De lente haalt me uit mijn gewone doen. Ze drukt me met mijn neus op de aardse werkelijkheid. Al zijn het vooral mijn handen die het genoegen hebben kennis te maken met de aarde… Het is weer tijd voor het jaarlijks terugkerende ritueel! Putjes delven, plantjes plaatsen, putjes vullen en aanaarden. Dan komt mijn ware aard boven en vol overgave wroet ik in de bodem van mijn bestaan (spottende haha). Een niet te onderschatten voordeel is, dat dit eveneens in goede aarde valt bij vrouwlief…

Aarde is er genoeg in mijn tuin. Lucht gelukkig ook nog altijd. De zon is een vuur aan het opstoken. Water… is de ontbrekende schakel… maar daar komt verandering in!
Dat had echter veel voeten in de aarde. Uiteindelijk werd fase 1 van het plan uitgevoerd: de aankoop van een waterreservoir en een fonteintje. Het is een begin. Waar zal dit alles terecht komen, hoe zal het ingekleed worden? Vragen zonder antwoord,…voorlopig. Ach, het komt wel goed. Gewoon gebruik maken van hersenen, synchroniciteit en serendipiteit. Dat ligt in mijn aard (grijnzende haha). En op de duur wordt ons tuintje nog een aards paradijsje! Dan zal ik volop kunnen genieten van de aardse genoegens.

Ook grote zoon (zo noem ik hem voortaan, nu hij boven mij uit groeit en ik me méér en méér een aardmannetje voel) heeft last van de aardse realiteit: proefwerken. In wiskunde en wetenschappen kan ik hem nu echt niet meer volgen. Ik blijf perplex achter... Hij is helemaal geen aardje naar zijn vaartje. Voor Nederlands en Frans blijk ik wel nog van enig nut te zijn. Dit keer is er geen proef Aardrijkskunde, jammer… ik was net helemaal in de aardse sfeer (de aardekleur hier, is het bewijs).

Eigenlijk is dit hele aarde-verhaal er slechts, om een uitvlucht te creëren, voor het feit dat ik deze week wat minder bij jullie op bezoek zal komen. Jullie zullen mijn aardige reacties toch niet al te veel missen (sarcastische haha)? Deze laatste zin is trouwens een bijzonder onaardige manier om nog eens het woord aarde te kunnen gebruiken.

Volgende week wordt het een feestelijke Weekboek-editie, want dan viert ‘gouden lepeltje’ zijn 1-jarig bestaan! Een hemels moment. Daarna zal ik me wellicht weer tussen hemel en aarde bevinden, zwevend op mijn wolkje, niettemin zonder mijn aardse gebondenheid te loochenen. Groetjes!

Nota bene: Het is gelukt! Er staan er 22 in! (uitbundige haha!)
Maar dat is een thema voor later.

woensdag 17 maart 2010

Weekboek

hoofdstuk 10

Mijn gedachten stuurde me onlangs deze reactie:
‘Je gebruikt ook het woord "maar" in bepaalde zinnen.
Voor mij brengt het woord "maar" vaak ongeloof mee.
B.v.: ik vind jou lief, maar enz...
Zou jij daar eens over willen schrijven?’

Ja hoor, zo heb ik weer een onderwerp voor dit Weekboek. (hahaha)
Zo’n vragen zijn steeds welkom, geen ‘vragen’ uit nieuwsgierigheid, maar (!) vragen die eigenlijk ‘géven’, omdat ze mezelf iets bijbrengen.

Waarom brengt het woord ‘maar’ soms ongeloof mee…

Maar verondersteld dat er een andere kant is aan wat er bedoeld wordt: een schaduwzijde of een zonnige kant. Het ‘Ja, maar…’, gevoel.
‘Hij heeft alles wat hij zich kan wensen, maar toch is hij niet gelukkig’.
‘Dit was een moeilijke tijd voor hem, maar het bracht hem een nieuwe uitdaging.’

Soms wordt maar gebruikt om harde (persoonlijke) waarheden te zeggen en deze via dat woordje wat te verzachten. Of om het jezelf gemakkelijker te maken om die dingen gezegd te krijgen.
‘Ik vind je een heel bijzonder mens, maar nu ben je toch helemaal verkeerd bezig’.

Maar houdt ook in dat niets perfect is.
‘Mijn tuin is prachtig, maar er is heel veel werk aan en ik heb er geen tijd voor’.
‘Ik heb een fantastische baan, maar ik heb onvoldoende tijd voor mijn gezin’.
(wegens tijdsgebrek, deze week een heel schetsmatig schetsje...)
 -
Maar: dit woord komt voort uit de wereld waarin ik leef, een wereld van tegenstellingen.
Alles in de aardse realiteit, heeft een tegengestelde. Dag – nacht; groot – klein; liefde – haat; rijkdom – armoede; licht – duisternis; eenvoudig – complex; hoop – wanhoop; enz.
Met deze tegenstellingen moet ik leren leven, uit deze tegenstellingen trek ik lessen, via deze tegenstellingen ontwikkel ik. Ik probeer dit feit te aanvaarden en steeds naar beide zijden te kijken, wit en zwart. Wit en zwart maken trouwens deel uit van één geheel. Tegenstellingen komen steeds in paren. Paren zijn twee delen van éénzelfde geheel.

We leven in een yin en yang wereld. Toch niets is helemaal het ene of het andere. Misschien krijgen we af en toe de indruk dat iets definitief zwart of wit is, maar (!) dit is slechts een tijdelijke toestand. Want in het zwart ligt het witte te wachten en in het wit ontstaat reeds een puntje zwart. Hier komt 'maar' weer op de proppen:
'Mijn situatie was totaal hopeloos, maar onverwacht kwam er een nieuwe kans op geluk.'
'Ik hou van haar, maar af en toe maakt ze me boos.'


Het woord ‘maar’: eigenlijk zegt het NIKS, maar (!) eigenlijk zegt het ALLES over de wereld van dagelijkse ervaringen. Het is er onverbreekbaar mee verbonden.

Waarom brengt het woord ‘maar’ soms ongeloof mee…
omdat het verwijst naar tegenstellingen, contradicties, twijfel, onzekerheid.
Maar het brengt evengoed geloof mee... (ja, zo is maar - dank aan Walter voor de opmerking)

Ben ik tevreden over dit stukje? Ja, maar…
er is nog een andere betekenis voor 'maar' als het gebruikt wordt als bijwoord, in plaats van als voegwoord.
'Dit is maar een onvolledig stukje over het woord 'maar'.'
'Dit logje blijft maar doorgaan.'

maar hier stop ik er toch mee :-)

woensdag 10 maart 2010

Weekboek

hoofdstuk 9

In haar reactie op mijn voorlaatste ‘zelfportret’ (met Walt Disney en Mickey Mouse), vroeg Novie me naar mijn ware 'roeping' ... Tja, dat is nog eens een vraag, niet?

Ik had wel enigszins een idee van het antwoord, maar ik had er nog nooit aan gedacht om dit eens deftig uit te schrijven. Hoog tijd om er nu werk van te maken en ondertussen vormt dit een prachtig thema voor mijn Weekboek!
Alweer een bewijs hoe inspirerend en motiverend ‘bloggen’ kan werken (vragen zijn dus steeds welkom!).

In een (nog niet helemaal doordacht) antwoord omschreef ik het zo:
'het scheppen van harmonie en evenwicht, op alle vlakken (in mezelf, met anderen, in mijn omgeving, in mijn werk, in het tekenen, fotograferen, schilderen, schrijven, enz). Een voortdurend zoeken en streven naar...'

Dit is inderdaad een belangrijk gegeven: ik heb een probleem met tegenstellingen, conflicten, onevenwichtigheden, disharmonie, onrust… rondom mij. Daarom sta ik nooit aan de éne of aan de andere kant van de tegenstelling. Steeds zoek ik het midden op, beschouw beide delen van het conflict (ook wanneer ik zelf er één van ben) en probeer (!) ze in evenwicht te brengen.
Ik kamp ook met de tegenstellingen binnenin mezelf. Soms voelt het alsof ik in twee werelden leef. De éne wereld bestaat uit de kneedbare, geestelijke realiteit, die zich uitstrekt tot hemelse hoogten en waar mijn Zelf woont; de andere wereld is de uiterlijke wereld van stoffelijke vormen en vaststaande feiten waarin mijn lichaam en persoonlijkheid ervaringen ondergaan. Het is een dagelijkse strijd (of positiever: arbeid) om het punt van evenwicht tussen beiden te vinden of te behouden of om er de éénheid van in te zien.

Dit behoort tot mijn roeping (wat een zwaar beladen woord is dit toch). Maar er is méér en het heeft eigenlijk allemaal te maken met één overheersend streven:
het proberen te doorgronden van de essentie van het leven. Ik heb, al sinds mijn jeugd, een enorme drang tot begrijpen, tot inzicht.
Het beantwoorden van deze roeping, is niet meer en niet minder dan het pad gaan, dat mijn Zelf voor mij uitgetekend heeft, en proberen om deze opdracht tot een goed einde te brengen. Als ik luister naar mijn Zelf, ben of word wie ik écht ben, dan volg ik mijn roeping.
En elke roeping van elk mens is even belangrijk. Wandelend, strompelend, lopend op die weg, luister ik naar de innerlijke Roeper die mij aanwijzingen toefluistert en die, als ik ze niet hoor (of niet wil horen…), overgaat tot roepen, zonodig schreeuwen!

Het wordt me nu plots weer duidelijk waarom ik enkele jaren geleden ‘vastliep’ (daar ga ik weer…). De situatie was als volgt: bijna 50 jaar – een heel veeleisende job, dagelijks té veel uren onder té veel tijdsdruk - afgemat thuiskomen, de weinige resterende energie schenken aan mijn vrouw en vooral mijn zoon - voor de TV hangen – Weekend: klussen en shoppen. Dit kan voor iemand anders perfect zijn (een roeping), maar niet voor mij. Er hing een dichte mist over mijn pad van ont-wikkeling en ik kwam nauwelijks een stap verder. Ik durfde ook niet te stoppen of te kiezen voor een andere weg. Ik hoorde mijn Roeper niet meer. Uiteindelijk kwam de instorting.
Toch moest dit zo gaan. Daarom voel ik geen verbittering of spijt. Integendeel. Hoeveel ik ook met het geestelijke bezig was (tot m'n 33ste), toch kwam ik op een punt waarop ik voelde dat ik een grens bereikt had. Na die periode kwamen de meer wereldse aangelegenheden... ik huwde, kreeg een zoon, bouwde mijn beroepsleven uit, bouwde een huis met tuin. Al deze ervaringen maakten me sterker, evenwichtiger, zelfzekerder (ook zekerder van mijn Zelf).
Vanuit deze basis, probeer ik nu behoedzaam verder te gaan, volg het zachte roepen.


Tussen het schrijven van dit stuk door, werd mijn aandacht getrokken (op internet) door iets wat ik ergens ‘in een klein laatje’ opgeborgen had: numerologie. Bij de beschrijving van mijn nummer vond ik nu, op dit ogenblik, zoveel herkenning dat ik ze hier graag zou vermelden. Ook omdat ze aansluit bij dit ‘roeping’-thema. Maar ik zal het bij slechts enkele fragmenten houden, wegens nogal persoonlijk (en vanwege het gevaar verwaand over te komen, hihihi).

       'Dit getal duidt op bewuste geestelijke dienstbaarheid. Het is liefde in de goddelijke zin van het woord. Absolute verdraagzaamheid, geduld en begrip, het in praktijk brengen van universele wetten van harmonie, de onthechting van het materiële…'
       'Degenen op het 33 levenspad wijden zich aan problemen met perfectionisme, emotionele expressie, en gebrek aan zelfvertrouwen. Ze proberen om hun inspirerende visie op de mogelijkheden van het leven naar voren te brengen.'
       'Met zijn grote idealen en scherpe sensitiviteit, wordt hij vaak ontmoedigd door de problemen en onvolkomenheden in de wereld. Maar hij onderdrukt zijn teleurstelling en zelfs zijn woede wanneer hij, omdat hij zulke hoge normen heeft, probeert 'het goede te doen'.
       'Zijn leven fleurt enorm op wanneer hij begrijpt dat zijn ideeën, zijn hoop en zijn grote idealen er zijn om hem te inspireren, en niet om de wereld aan af te meten. Hij moet begrijpen dat er in de stoffelijke wereld geen perfecte persoon, prestatie of product bestaat; tevens moet hij de inherente perfectie van de aardse wereld begrijpen en daar uiting aan geven.'

Door die vraag van Novie heb ik weer een stukje van mezelf bloot gegeven. Moet ik dit hier wel doen? Misschien niet, maar ik vertrouw op die inherente goedheid van mijn lieve lezers…:-) (beminnelijke glimlach)
-

woensdag 3 maart 2010

Weekboek

hoofdstuk 8

Een mens heeft een persoonlijkheid: karakter, overtuigingen, gevoelens, eigenaardigheden.
Maar waarom houden we zo krampachtig vast aan die persoonlijkheid?

Mijn gevoel van identiteit haal ik uit de wisselwerking met de uiterlijke wereld. Het is moeilijk om het ‘innerlijke’ te begrijpen of te omschrijven. Daarom maak ik een voorstelling van mezelf, aan de hand van mijn effect op de uiterlijke wereld. De wereld die ik rondom me schep, werkt als een spiegel waarin ik me herken. Het beeld dat ik zie is het ‘ik’. Als er gevraagd wordt om me voor te stellen dan ga ik dingen zeggen als: ik ben 50 jaar, ik ben gehuwd, ik heb een zoon, ik heb een huis, mijn hobby’s zijn…, ik ben lid van…, mijn job was…

Ik ga op zoek naar bevestiging en waardering via het werk dat ik doe (en het bloggen, hihi). Ik omring me met allerhande bezittingen waartussen we ik me goed voel en die mezelf en de anderen tonen: 'kijk, zo ben ik'. Ik probeer bij een groep te horen, vrienden te maken, want dan voel ik me veilig en aanvaard. Ik vorm overtuigingen en houd daar aan vast om mijn gevoel van identiteit niet kwijt te raken. Daarom probeer ik mijn persoonlijkheid (of ego) ten alle tijde in stand te houden. Veel handelingen, gevoelens en gedachten dienen ter verdediging van dit ‘ik’-gevoel.

Als ‘iets’ al mijn aandacht heeft, dan ga ik daar zo in op, dat ik al de rest (een beetje) vergeet. Dan ben ik er echt ‘vol’ van. Zoals dit Weekboek. Wat ik schrijf kan dan ‘heftig’ overkomen. Als ik oudere teksten nog eens lees, dan denk ik: ‘Wim jongen, je was hier weer flink op dreef…’  Niet verwonderlijk dat dit soms (eerlijke) felle reacties uitlokt. En voor ik er erg in heb, manifesteert mijn ego zich via verdedigingsmechanismen: ‘Nee, helemaal niet!’ of ‘Ja, maar…’.

Mijn ego ervaart wat een gedachte, een emotie, een handeling kan veroorzaakt. Ik beoordeel de gevolgen, denk na, maak aanpassingen. Zo evolueert mijn bewustzijn, stap voor stap, via het ego. Het ego is het middel, de drijfveer tot evolutie.

Maar dan geef ik mijn ego een schop onder zijn… . Ik probeer mijn aandacht te verplaatsen naar de hoofden van de lezers. Bekijk mezelf van daaruit. Dat werkt relativerend. Dat schept begrip voor de ander, zonder die daarom gelijk te geven. Met een innerlijke glimlach, lach ik liefdevol met mijn ego. De verdedigingsmechanismen vallen stil, mijn ego trekt zich stilletjes terug. En het vreemde is, dat deze overgave goed aanvoelt. De verdedigingsmuur is verdwenen. Het licht kan weer volop naar binnen en ook naar buiten, de Verbinding is hersteld.

Het loslaten van het ego betekent dat ik niet meer meegesleurd word door wat het ego ervaart. Dan beschouw ik het ego van op een afstand, als intens meelevende toeschouwer. Mijn ego is er nog steeds, maar het heeft niet langer behoefte aan bevestiging. Dit streven wordt vervangen door een innerlijke rust en een gevoel van innerlijke zekerheid. Dat komt omdat ik me richt naar mijn diepere Zelf. De aandacht is naar binnen gericht in plaats van naar buiten. Niettegenstaande het ‘naar binnen gericht zijn’ ervaar ik liefde voor elk schepsel en ieder mens, leef ik met het bewustzijn dat iedereen in essentie gelijk is.
Ik ben dus niet mijn ‘ik’, maar Dat wat in mijn ‘ik’ bewust is. (pffff, ingewikkeld allemaal)
Jammer dat ik ook telkens weer die verbinding kwijtraak bij het opduiken van problemen die mijn ego aanvallen. Dan moet ik weer werken om die innerlijke rust te herstellen.

De woorden van steun en bewondering, de aandacht, de bevestiging of kritiek… werken motiverend voor mijn persoonlijkheid. Door deze motivatie haal ik het beste uit mezelf. Daardoor ontwikkel ik en ga ik verder op mijn pad, met mijn eigen mogelijkheden en op mijn eigen tempo, tot ik ‘verlicht’ ben en een volmaakte uitdrukking word van het Leven, van Alles Dat Is… en mijn ego kan loslaten zonder er afstand van te doen. (In één leven lukt dat niet,... maar dat is een onderwerp voor een andere keer). Het gaat erom mijn innerlijke hogere Zelf op een heel persoonlijke manier tot uiting te brengen in de uiterlijke wereld.

Mijn ego is al bang voor jullie reacties :-)
© wim22

dinsdag 2 maart 2010

Zoeken naar...


Samengesteld uit gedeeltes van twee verschillende, oude 'experimenten'.

Een korte update, vanwege de reacties:
momenteel gaat het er rondom ons huis nogal luidruchtig en chaotisch aan toe,
vandaar het zoeken  naar de stilte, maar dan eerder binnenin. 

woensdag 24 februari 2010

Weekboek

hoofdstuk 7

Serendipiteit, na synchroniciteit, nog een bijzonder woord met een bijzondere inhoud.
(Dank je Marius, om mij er attent op te maken).

Een van de mooiste omschrijvingen van serendipiteit is: 'Het zoeken naar een naald in een hooiberg en er uit rollen met een mooie boerenmeid.' (Pek van Andel).
Maar het kan ook zijn dat je de hooiberg induikt met een boerenmeid en er uitkomt met die naald waar je al zolang naar zocht.

Het is het open staan voor opportuniteiten, opmerkzaam zijn voor kansen die zich aanbieden. Serendipiteit veronderstelt een ongebonden, dwarse, afwijkende, ‘foute’ kijk op de dingen. Een kijk waardoor je zaken ziet waar velen aan voorbijgaan.
Dit is allemaal een beetje theoretisch gewauwel. Dat vraagt om een voorbeeld uit de praktijk.
En ‘toevallig’ heb ik er eentje uit eigen ervaring.

Ik liep al een tijdje met het idee om meer te gaan tekenen. Mijn Weekboek-teksten vormden daartoe een goede aanleiding en motivatie. Die konden een illustratie best gebruiken, om de ‘droge’ tekst wat op te fleuren. Maar ik wist niet goed hoe er aan te beginnen, hoe zoiets er moest gaan uitzien. Ik liet het idee dus zachtjes sudderen.

Mijn zoon verveelt zich soms een beetje tijdens het weekend. Daarom besloot ik in de bib op zoek te gaan naar lectuur die hem mogelijks zou kunnen boeien (een heel zware opdracht…). Na eerst enkele natuurwetenschappelijke werken te hebben uitgezocht, begon ik aan het moeilijkste, een leesboek…
Boeken werden uit de rijen gehaald en doorbladerd, achterflappen gelezen.

En dan wordt mijn aandacht gevangen door een mooie ‘rug’ en een nieuwsgierig makende titel ‘De uitvinding van Hugo Cabret’. Het blijkt een overdadig geïllustreerd verhaal te zijn, eigenlijk bijna een beeldverhaal. Het ziet er uit als een uitgetekend scenario voor een film.
En hier komt ‘een kijk waardoor je zaken ziet waar vaak aan wordt voorbijgaan’ op de proppen. Ik had kunnen denken: ‘oei dat is niks voor mijn zoon’ en het boek terugzetten. Het boek past immers niet in het kader waarvoor ik in de bib ben: een boek voor mijn zoon.
Maar in de plaats daarvan, volg ik mijn intuïtie (en waar komt die nu weer vandaan?...) en blader gretig door het verhaal tot mijn blik op die éne tekening blijft plakken (zie afbeelding in 'denkballon').


Het lage pitje, waarop mijn idee al een tijdje stond te sudderen, wordt nu plotseling aangewakkerd tot vurige vlammen. Dit is wat ik zocht. Meteen beginnen allerlei ideeën op te borrelen en in de dampende gedachtewolken ontwaar ik ‘mijn’ toekomstige illustraties!

Dus, serendipiteit: op zoek gaan naar een boek voor je zoon en thuiskomen met de oplossing voor je eigen vraag of probleem. (terwijl de boeken voor zoon hier gewoon… liggen…)

Laat me dit nog even vergelijken met synchroniciteit, gebruik makend van dezelfde situatie.
Ik loop dus met dat verlangen om illustraties te maken. Maar ik vind geen aanknopingspunt. Dan ga ik toevallig voor iets helemaal anders, naar de bib. Dit is natuurlijk dé plaats en dé gelegenheid voor het liefdevolle, behulpzame Universum (ik blijf het zo noemen, maar er zijn andere benamingen mogelijk). Het richt nu als het ware zijn spotlights op de rug van dat éne bijzondere boek. Wim kan niet anders dan dit boek zien, vastgrijpen, doorbladeren… ontdekken.
Wat je nodig hebt - maar niet bewust naar zoekt (en dus heb je een open, on-ingenomen geest) - wordt door het Universum in jouw wereld gebracht, onder jouw aandacht geplaatst.

Twee visies op één merkwaardig feit.
Tenzij ik intuïtie mag begrijpen als ‘een gevoelig zijn voor het Universum’,
dan komen de beide visies weer heel dicht bij elkaar te liggen.
Hoe het ook werkt, het belangrijkste is dat we er gebruik van maken!

woensdag 17 februari 2010

Weekboek

hoofdstuk 6

Ik zit hier rustig thuis, met mijn laptop, en toets enkele woorden in.
Het betekent niet veel.
En toch… de woorden die ik hier op mijn beeldscherm zie verschijnen, komen via een simpele klik terecht in een bijzondere 'wereldwijde' wereld: een wereld van gedachten, ideeën, overpeinzingen, laat ik het ‘geestelijke energieën’ noemen.

Deze gedachten maken nu deel uit van een soort ‘gedachtenwolk’. In deze wolk komen ideeën terecht, maar ik kan er ook ideeën van anderen uit halen. Als ik er voor open sta, dan ligt er een schat aan kennis, ervaring, wijsheid binnen denkbereik. Het is een enorm reservoir, gevuld met gedachten die door talloze individuen de wereld ingestuurd zijn.
Op één of andere manier zal de persoon die zich in deze wereld begeeft, anderen beïnvloeden en beïnvloed worden - bewust of onbewust, veel of weinig.
Door al deze denk-verbanden, ontstaat er een onzichtbaar, maar heel reëel, geestelijk web.
Zonder twijfel zijn de contacten in die denkwereld niet altijd even ‘close’, maar toch ontstaat er een soort 'multi-bewustzijns-organisme', waar iedereen, als individu, deel van uitmaakt. Vroeger waren er kleine leefgemeenschappen die hun eigen groepsbewustzijn hadden. Families, stammen, dorpen en later steden, gewesten, provincies, landen: heeft niet elk van deze gemeenschappen een eigen bewustzijn, een eigen mentaliteit? Het voelt toch telkens ‘anders’ aan als je in een andere stad, streek of land komt. En alle individuen die er deel van uit maken, worden er door beïnvloedt en ze beïnvloeden elkaar ook onderling.
Nu we via internet communiceren, breidt de verbindende gedachtenwolk zich steeds verder uit. We zijn van kleine éénheden (die meestal meer beperkend, dan verruimend werkten...) aan het evolueren naar wereldwijde verbonden! (alleen taalverschillen weerhouden ons er in zekere mate van, om te communiceren met de ganse wereld)

En nu heb ik zin om even de idealist te zijn.

Het kennis maken met andere gedachtewerelden gebeurde tot een tijdje geleden, hoofdzakelijk door middel van boeken. Nu maken we via persoonlijke contacten kennis met meningen en overtuigingen van zo veel mensen uit zo veel diverse milieus. Het nauwer betrokken zijn bij die mensen, leidt vaak tot meer begrip voor hun visies. Soms worden gedachten letterlijk gedeeld met elkaar, waardoor de ander ahw een klein stukje van jezelf wordt.
Door het wereldwijde web groeit er een verbindend bewustzijnsweb waar iedereen in deelt én waar iedereen in alle vrijheid zijn eigen stukje individualiteit in uit kan drukken. 
Zou dit geen samenleving kunnen teweeg brengen, waar liefde, vrede en respect hun ware betekenis krijgen?
Ach, dit lijkt weer een héél naïeve wens,... maar wel één waar iedereen, diep in zijn hart, naar verlangt....

En plots lijkt dit onbetekenende getokkel op mijn toetsenbord een minuscuul stapje naar een 'hemelse' mensheid (dit lijkt verdacht veel op grootheidswaanzin, maar toch…). Minuscuul, onzichtbaar, maar misschien is het er toch ééntje.

© wim22

woensdag 10 februari 2010

Weekboek

hoofdstuk 5
(een beetje een héél erg lang stuk, een echt 'hoofd'stuk dus... )
Herkennen jullie dit ?

Zoon volgt les bij een lieve en heel goede piano-lerares. Om verscheidene redenen hadden we regelmatig persoonlijk contact. Vrouwlief belde haar ook enkele keren op. Het is iemand waar we een goed gevoel bij hebben. Vooral P mag haar heel graag en hun gesprekken zijn dan ook niet bepaald van korte duur… Vooral tijdens het najaar van 2008 was er geregeld contact.

De laatste jaren blijven we veel thuis en de uitstapjes en boodschappen gebeuren in de dichte omgeving. Maar tijdens dat zelfde najaar trokken we er toch enkele namiddagen op uit, naar iets verder gelegen plaatsjes.

Een eerste was Brugge (50 km van onze woonplaats). Vrouw loopt graag eens binnen in één bepaald decoratiewinkeltje en dat was dan ook het eerste waar we een kijkje gingen nemen - ik volgde gedwee -… En wie stond daar ook te snuisteren: ‘juffrouw van piano’. Ze had behoefte om er eens ‘uit’ te zijn en koos voor Brugge, want dat was al weer een tijd geleden.
“Wel, wel, wie zien we hier nu, dat is toevallig zeg…”

Het moet, denk ik, twee weken later geweest zijn, toen we er op uit trokken naar Ieper (30 km van ons huis). In twee weken tijd waren de interesses (en ook de volgzaamheid...) nog niet veranderd en dus waren we wederom wat spulletjes aan het bewonderen. Bij het verlaten van de winkel - ik moet het jullie al niet meer vertellen maar doe het toch - bemerkten we het ‘koppie van juffie’
“Oh, maar kijk nu toch ‘ns, we lopen mekaar weeral tegen het lijf, wat een aardig toeval!”

We zijn weer enkele weken verder. Boodschappentijd in het nabij gelegen winkelcentrum in Kuurne (5 km van onze woonstede). We rijden buiten met ons gevulde winkelkarretje, in de richting van de parkeerplaats. En wie komt daar nu net aan met haar boodschappentas - ’t is te gek voor woorden, maar hier komen ze niettemin - onze piano-lerares!
"Hahaha, hihihi, we mogen niet buiten komen of we zien elkaar, wat een toeval toch!"

Meer dan een jaar later. In het hoofd van ‘gouden lepeltje’ broedt het idee om een berichtje te schrijven over synchroniciteit - een eigenaardige en onverklaarbare reeks toevalligheden.

Toevallig had ik dit woord opgemerkt tijdens het doorbladeren van één van mijn oude boeken. Ik herinnerde me de, hierboven neergeschreven, toevallige reeks ontmoetingen met juf. Dat leek me wel iets om even aandacht aan te besteden.

Eén dag later. Vrouw kwam thuis. Ze vertelde me van de vergadering waar ze ’s namiddags heen moest. Vervolgens zei ze dat ze op de hoek van diezelfde straat - in een filiaal van onze bank waar ze eigenlijk nooit komt – vlug even wat geld en rekeninguittreksels uit de muur haalde. En dan kwam het onvoorstelbare... 
“Je raadt nooit wie ik toevallig gezien heb in de bank...”

Hmm,… dat had je maar gedacht… jullie mogen ook één keer raden…

Synchroniciteit  een eigenaardige en onverklaarbare reeks toevalligheden.
Een zich herhalende merkwaardige samenloop van omstandigheden. Een zinvol toeval.

Wat weten we over synchroniciteit ?

Volgens Carl Jung is synchroniciteit een niet-oorzakelijk verbindend principe dat in het universum werkzaam is. Niet-oorzakelijke gebeurtenissen zijn gebeurtenissen waartussen geen zichtbaar verband bestaat en die elkaar op geen enkele manier kunnen beïnvloeden. Maar voor de betrokken personen kunnen ze belangrijk en zinvol zijn.

Er zijn twee belangrijke kenmerken. Ten eerste is het resultaat van zo’n toeval meestal prettig en het vervult de verlangens of behoeften van de betrokken persoon op dat moment. Ten tweede wordt de mate waarin deze toevalligheid zich voordoet, beïnvloedt door de geestestoestand. Ze gebeuren niet als je het wilt of als je er te veel mee bezig bent. Ze komen meest voor op momenten dat je je laat meedrijven met de stroom, als je in een ontspannen toestand bent.

Hoe komt het nu dat dergelijke gebeurtenissen plaats vinden ?

Ik probeer even de achterliggende werking te schetsen, tenminste zoals ik ze heb begrepen (dat belooft niet veel goeds...). Er zullen ongetwijfeld meerdere theorieën over bestaan, maar dit is de versie die ik (graag) geloof. Misschien ben ik weer te naïef. Allemaal de schuld van dat Kind in mij!

We zijn er ons niet van bewust dat we deel uit maken van een groter ‘levend’ geheel.
Probeer het universum te zien als een levend wezen. Dit organisme brengt de elementen, waar haar bewoners op een bepaald moment (onbewust) naar verlangen, in hun omgeving.
Vergelijk het met ons lichaam dat stoffen aanvoert naar de cellen omdat ze die, wegens een bepaalde toestand, nodig hebben.
Als de cel bewust zou zijn, dan denkt ze wellicht: ‘aha, dat is ook toevallig, dit had ik nu juist nodig’. Maar ze beseft niet dat ze deel uitmaakt van een groter organisme, het lichaam, dat er alles zal aan doen om die cel te bevoorraden. Dat moet, als het lichaam ook zichzelf in stand wil houden.
Daaruit kunnen we afleiden dat, wat wij een reeks toevalligheden noemen, eigenlijk gewoon de werking van het universum is.
Opgelet echter: je moet er gewoon voor open staan, zonder te 'willen' vanuit het ego. Vaak zijn het personen of zaken waarvan je niet beseft dat ze je verder kunnen helpen. Als wij juf piano willen ontmoeten als we ergens in een stad rondlopen, dan zal dat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Daarom zijn het ook 'toevalligheden' hé...
Het universum levert de elementen waar de mens (in dit geval onbewust) behoefte aan heeft.
Prachtig toch?

Dit was het einde van het bericht. 'Was'... want ik voeg er nu nog een stukje aan toe.
Nee, we hebben haar niet nog eens gezien (hihi), 't is iets anders nu.

Al enkele maanden kriebelt het:
"zou ik niet eens beginnen met tekeningen maken, als illustratie bij mijn schrijfsels?"
In mijn gewezen job maakte de intrede van de computer een einde aan de handenarbeid.
Enkel in mijn vrije tijd nam ik nog potlood en penseel ter hand, wat resulteerde in... 'bijna nooit'.

Vandaag staat hier een heel voorzichtige en schuchtere eerste poging.
Dit beeld had ik in mijn hoofd bij het schrijven van voorgaande toevalligheden. Het is niet meer dan een schets, klein (20 x 20 cm), met zwart conté potlood.
Ik ben er niet helemaal tevreden mee, moet nog mijn 'stijl' ontdekken, maar ik moet ergens beginnen. Wanneer en hoeveel er nog zullen volgen? Geen enkel idee van, ik zie wel.
Het is gewoon een manier om wat ideeën op papier te krijgen om dan later, ooit, misschien eens om te zetten in het 'grote werk' (haha).

woensdag 3 februari 2010

Weekboek

hoofdstuk 4
-
Ik leefde altijd al een beetje teruggetrokken. Dat is nu niet anders. Zeker sinds mijn burnout. Nu mijn zichtbare functie in de buitenwereld zo beperkt is geworden, vraag ik me wel eens af welke ‘rol’ ik nu nog speel. Euh… speelde ik een rol? Ja, eigenlijk wel. Zijn we niet allemaal (soms) een beetje acteurs, die hun rol zo goed mogelijk spelen?

De regisseur van Mijn Leven heeft mij een rol aangeboden. Ik heb het personage 'ingevuld', gecreëerd in het decor waarin ik geplaatst werd. Een rol waar ik helemaal in opging. Ik werd helemaal in beslag genomen door de problemen, de uitdagingen, de verwachtingen, de vreugden en teleurstellingen van mijn rol. Ik conformeerde me aan de eisen van deze rol. Tot ik er slaaf van werd. Slaaf van een rol waarvoor ik zelf gekozen heb, die ik zelf aanvaard heb, slaaf van mijn eigen schepping.

Een rol die heel veeleisend werd. Bovendien bleek mijn personage steeds minder te passen in de gewijzigde visie van het stuk. Ik kon mij niet langer identificeren met mijn rol. Ik had er geen innerlijke band meer mee. Ik was mijn personage, nu speelde ik hem. Meer en meer voelde ik hem uitdoven tot op een dag het licht uit ging, een complete black-out op de scène, als het ware. Over en uit.

Veel van het decor en de figuranten zijn nu verdwenen.
Maar ik heb het gevoel dat, nu ik die rol heb moeten loslaten, ik dichter bij mezelf sta dan ooit.
Een goed gevoel, maar daarom is het er nog niet gemakkelijker op geworden. Nu moet ik mezelf opnieuw uitvinden. En dat is soms confronterend. Wie is de échte ik? Een hele tijd stelde ik alles omtrent mezelf in vraag. Rol en realiteit zijn sterk met elkaar verweven geweest.
Soms zouden anderen mij misschien liever in mijn oude glansrol terugzien. Was de mooie illusie beter dan de werkelijkheid?

Iedereen moet zijn eigen weg durven en mogen bewandelen. Het geestelijke pad moet iedereen alléén afleggen, het is dat van de eigen ontwikkeling. Geen kwestie van egoïsme, gewoon het volgen van het eigen hart en de ingevingen van de ziel.
Maar toch moet ook rekening gehouden worden met de mensen waarmee ik leef, die mij vergezellen op het materiële pad - soms een moeilijke evenwichtsoefening.

Het volledig negeren van je eigen weg kan falikant aflopen. Ooit heb ik iemand ontmoet, een héél introvert persoon, die gedwongen werd de zaak van zijn vader over te nemen, een job die gebaseerd was op sociale contacten. Een pad dat hij onmogelijk kon gaan, een pad dat doodliep in een zelf gekozen einde.

Tijdens het lezen van 'de Alchemist' (waarin ik zovele van mijn visies verwoord zag), merkte ik déze zin op, die ik wel passend vond om dit (gewichtige) hoofdstukje af te sluiten: 'Het leven wil dat jij je eigen legende leeft.'

Volgende keer probeer ik het wat luchtiger te houden, anders draait dit weekboek nog uit op een psychologisch drama :-)

woensdag 27 januari 2010

Weekboek

hoofdstuk 3
-
Ik ga de trap op. De badkamer is mijn doel.
In dit jaargetijde geef ik soms de voorkeur aan een bad in plaats van de stortregen uit de douche. Terwijl het waterniveau nog stijgt, laat ik me in het dampende water glijden. Als een op mijn lijf gegoten mantel, verspreid het een weldadige warmte. De waterstroom laat de laatste eilandjes huid één voor één verdwijnen in een zee van zeepschuim. Mijn reikende voet geeft een duw tegen de kraan. Stilte. Ik sluit mijn ogen. De lamp boven me, als de zon aan de hemel, strijkt een zweem van goud over mijn oogleden. Even is het weer zomer. Het warme water bakt mijn huid. Het voelt als de hete lucht in de oven van een hoogzomerdag.
En ik verdwijn in een landschap van gedachten. Gedachten worden woorden: water, wassen, schoonmaken, zuiveren.

Iedereen probeert zijn lichaam proper te houden. De meeste mensen proberen ook hun woning, hun tuin, hun buurt enigszins netjes te houden. Maar wat met onze innerlijke geestelijke leefwereld? Af en toe is het ook nodig eens diep in zichzelf te duiken en met een innerlijk oog eens goed rond te kijken. Soms moeten er reparaties gebeuren, moet er eens goed afgestoft worden of zelfs grote schoonmaak gehouden worden. Leidingen kunnen verstopt zitten met zwarte gedachten. Negatieve overtuigingen zoals angst, wantrouwen, haat moeten verwijderd worden. Niet door ze onder de mat te vegen of diep in een lade weg te stoppen. Wel door ze vast te nemen, kritisch te bekijken en dan met de vuilnis mee te geven. Zo komt er plaats vrij om de zaden van positieve gedachten te planten. Zaadjes die mooie planten worden en vruchten dragen.

Ik hijs me uit het water, weer schoon. Een kwestie van minuten. Die andere schoonmaak duurt langer. Ik zal beginnen met vensters te openen en het zonlicht binnen te laten zodat ik zie waar het vuil zich opgehoopt heeft. En klaar staan met de bezem.

Terug beneden merk ik dat enkele van mijn katjes zich knus geïnstalleerd hebben op hun favoriete plaatsjes, toevallig ook onze zitplaatsen. En het is de tijd van hun wasbeurt. Zij ook dus. Ze wringen zich in de gekste posities om ook de moeilijk bereikbare plaatsjes schoon te likken. En hun gedachten? Daar hoeven ze niet aan te denken, ze doen gewoon waar ze goed in zijn, niets meer, niets minder.

In de keuken is vrouwlief aan het opruimen. Stof verwijderen, overbodig geworden papieren weggooien. Weinig gebruikte objecten vliegen de deur uit. Ze snoert de vuilniszak dicht. Weg ermee. Een uiterlijke schoonmaak die, zo blijkt, ook soms de gedachten zuivert.
- 

woensdag 20 januari 2010

Weekboek
 
hoofdstuk 2
-
Opdracht volbracht! ‘Het spel van de engel’ is uitgespeeld. Hij heeft zijn geheimen prijsgegeven (alhoewel ik toch met wat vragen achterblijf).
Maar hier sluit ik nu het boek… en wat zie ik op de achterkant gedrukt staan:
‘Een verhaal over de gevaarlijke kunst van het schrijven en de macht van woorden’.
Tja, een mens zou voor minder zijn pen neerleggen… (moet ik hier nu nog verder gaan?)
En wat heb ik toch met het thema ‘woorden’, de laatste tijd?

‘Het spel van de woorden’… dus. Woorden zijn krachten. Veel boeken, al dan niet vol wijsheid, gingen en gaan door mijn handen. Ze helpen me, begeleiden of amuseren me. Maar zinnen de woorden me niet (hihi, een mooi voorbeeld van het spel van de woorden) en voel ik in mijn hart dat ze - op dat ogenblik - niet bij mij horen, dan laat ik ze varen. Daartegenover heb ik de indruk dat sommige boeken MIJ zochten. Vele onder hen waren wegwijzers op mijn pad.

Gedachten in woorden omzetten. Moeilijk. Ik hou van het spelen met woorden, het spel van de woorden. Maar toch, woorden… ik ben er eigenlijk ook beducht voor.
In een reactie verwoordde ank het zo mooi: ‘ze worden gelezen in een ander hoofd dan dat van de schrijver, daardoor kunnen woorden soms zo anders terechtkomen’.
Maar goed, zolang ik de techniek van het telepathisch overbrengen van gedachten niet beheers, blijft het hier behelpen met geschreven woorden (maar goed ook, want je moest eens weten welke gedachten…hihi…). En nu zwijg ik over woorden! (euh... tot maandag)

Ik blijf de magische, spirituele sfeer opzoeken en begin aan ‘De Alchemist’ van Paulo Coelho. Een boek met veel naam en faam. Op de flap staat vermeld ‘Een magische fabel met de diepe wijsheid van een klassiek sprookje’, hmm..., dat lijkt me op het lijf geschreven. Ik ben benieuwd.
-

vrijdag 15 januari 2010

Weekboek

hoofdstuk 1

Toen ik vanmorgen opstond, dacht ik: 'daar gaan we weer voor Another day in paradise(de bijhorende gelaatsexpressie was echter niet illustratief voor deze gedachte, die intense gelukzaligheid liet vermoeden). Voor iedereen nog eens een dagje in dit aardse paradijs, uitgezonderd voor hen die pas op weg zijn of voor hen die moeten vertrekken…
Het lijkt hier verdorie wel een vakantiebestemming!

De meeste reizigers zoeken hun vooraf geboekte verblijfplaats op en werken een, vooraf bedacht en min of meer vastgelegd, reisschema af. Anderen gaan op ontdekkingstocht en volgen hun innerlijke stem en intuïtie, waardoor ze eigenlijk ook een onzichtbaar maar toch voorbestemd pad volgen. En dan zijn er ook altijd wel een paar die blijven rondzwerven omdat ze niet tevreden zijn over hun lotsbestemming (of is het juist hun lot om niet tevreden te zijn met hun lotsbestemming?).

Het eerste gedeelte van mijn paradijselijke dag bestond uit een opeenvolging van opgelegde taken (onder zachte dwang…). In chronologische volgorde waren dat: katten voederen, zoon naar station brengen, stofzuigen bij schoonmama en boodschappen doen, ook met schoonmama. Thuis gekomen, stonden de kopjes en schoteltjes geduldig hun wasbeurt af te wachten. Boven waren de bedden in afwachting van hun opmaak. Nog even op volle toeren doorgaan! Zo, klaar nu.
Dat was buiten de waard gerekend die, door ziekte geveld, alles vanuit een comfortabele uitkijkpost nauwlettend gadesloeg: ‘Ik zou graag hebben dat je nu de keuken nog dweilt,
’t is hoognodig’. Pffff, vooruit dan maar…

Eindelijk. Eerst nog een zelfgekozen opdracht uitvoeren, namelijk enkele hoofdstukjes lezen in ‘Het spel van de engel’ (Carlos Ruiz Zafon). Zaterdag moet het boek terug naar de bibliotheek en ik heb nog tachtig bladzijden te gaan (te lezen eigenlijk). Het boek leest heel vlot, toch kost het me grote moeite de 552 bladzijden door te komen. Ik kan de concentratie niet lang volhouden sinds... och, laat ik het daar nu niet meer over hebben.

Tenslotte beland ik , voor een uurtje, op mijn geliefde plaats:
IN mijn hoofd, OP mijn stoel, ACHTER mijn pc…
en schrijf voor jullie dit kijkje achter de schermen van ‘gouden lepeltje’.

En het is de bedoeling dat dit vanaf nu elke week eens gebeurt, kwestie van een beetje routine te krijgen in het schrijven. Een weekboek dus.

© wim22

woensdag 25 november 2009

Ook mensen
-
Zaterdagmorgen. Nog met de warmte van de slaap in mijn pyjama, nestel ik me in een hoekje met op mijn schoot een boek. Poes zoekt een plaatsje naast me op de bank. Haar zachte ronkende gespin heeft de regelmaat van een goed geolied mechaniekje. Het boek nadert zijn slot. Het verhaal heeft mijn aandacht aan de haak en sleurt me met zich mee. Enkele mooie volzinnen verder verschijnt Poes weer in beeld en waagt zich behoedzaam op mijn buik. Ik probeer verder te lezen maar het lijkt wel of de woorden verstoppertje spelen onder de pels van Poes. Een neusje besnuffelt mijn gezicht. In twee bruine ogen die me onderzoekend aankijken, lees ik woorden van onbegrip: wat heeft dit boek meer dan ik, dat jij mij niet meer ziet?
-
Wie ben jij, Poes? Ik kan zo moeilijk achter die blik in je onbewogen ogen kijken. Onder jouw dikke vacht voel ik slechts wat beenderen, weet ik enkele vlezige organen liggen. Het betekent helemaal niet veel. Het is jouw Aanwezigheid die ik het meeste voel. Het is jouw Zijn dat zich koestert in dat van mij. Zoals een mens zich verwarmd aan een ander of een hoger bewustzijn dat zegt: jij bent het waard er te zijn, jouw leven betekent iets.
Poes heeft weinig of geen gedachten, oordelen en vastgeroeste ideeën. Geen vermoedens, schuilgaande intenties of hartstochtelijke verlangens. Niets van dat alles bij Poes, alleen een simpel: ik voel me goed bij jou.
-


Mijn schoonmoeder (87) zegt: Het zijn ook 'mensen'. Waarmee ze niet bedoeld dat katten plots een grote stap gezet hebben op de evolutieladder. Nee, ze bedoelt dat ze respect verdienen. Ik behandel Poes niet als een mens maar acht haar evenveel als een mens. Ik moet, als verstandiger schepsel, eerbied hebben voor de natuur die me heeft voortgebracht, niet alleen als liefdevolle beheerder, maar als partner van de andere wezens op aarde.
-