Posts tonen met het label literatuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label literatuur. Alle posts tonen

maandag 1 november 2010

 Harry is niet meer
-
Nog maar pas heb ik 'De Aanslag' uitgelezen en hier vorige week een bespiegeling geschreven naar aanleiding van het lezen er van of...
-
De laatste paragraaf van dat berichtje had ik, vooraleer te publiceren op deze blog, lichtjes aangepast. Mijn originele tekst ging als volgt:
-
'Nu ik opnieuw opga in het verhaal dat in mijn handen ligt, besef ik dat sommige scheppingen van de geest niet vergaan. De onderhuidse beeldenwereld van Mulisch komt via deze zonverlichte woorden weer tot leven. De scheppingen van de geest zijn beter bestand tegen de tijd dan de hand die hen neerschrijft. En misschien staat de geest zelf, los van de tijd.
-
Hierbij leek het wel of Harry Mulisch al overleden was en daarom veranderde ik zijn naam in het algemene 'schrijvers'. Nu is hij er plots toch niet meer.
De schrijver Mulisch, die unieke persoonlijkheid, is niet meer. Toch geloof ik erin dat het Zijn, dat hem een bestaan als zelfbewust individu schonk, boven de tijd staat.
Een bezoeker van de boekenbeurs, die momenteel in Antwerpen wordt gehouden, zei tijdens een nieuwsuitzending: 'dit zal hij ook wel overleven'.
Mooie woorden bij het afscheid van een groot schrijver.

woensdag 27 oktober 2010

Weekboek - 21
-
onsterfelijk
-
Mijn hand rust op een vergeelde bladzijde van het boek ‘De Aanslag’.
Ik had deze klassieker nog nooit gelezen, maar nu ligt het bij ons thuis vanwege de leesopdracht van GroteZoon. Buiten in de tuin is het frisjes, maar de uitnodigende stoel, wachtend tegen de muur in het moedige herfstzonnetje, verleidde mij tot een uurtje leesplezier.
Ik pauzeer even bij het einde van een hoofdstuk en laat mijn gedachten ontsnappen uit die beklemmende gebeurtenissen van de laatste oorlogsdagen. Ik staar naar mijn hand op het papier. Niets verhullend zonlicht vergroot elk rimpeltje uit tot een diepe kloof. Verouderen gebeurt meestal onopgemerkt, tot op ogenblikken als deze. Een vergelijking met de kasseistroken die ik een paar dagen geleden trotseerde op mijn stalen (euh… carbon) ros, hobbelt mijn gedachten binnen.
Ondertussen vermengen de letters rondom mijn vingers zich met 'de doorzonde schaduw onder de bomen' (deze heb ik van Mulisch!) tot een mengsel, dat op één of andere manier mijn diepere bewustzijn prikkelt. Deze hand: een stukje van het ‘huis’ waarin ik woon. Ooit zal dit tot stof vergaan. De oppervlakkige werkelijkheid van de huid van mijn hand lijkt niet meer dan een vlies dat een andere werkelijkheid omhult: een wereld vervuld met beelden, dromen en overvol van gedachten. En daartussenin ‘zweeft’ een bewust Zijn. Ik probeer even die sluier weg te trekken die over het raadsel van het leven ligt. Zoals zo vaak blijkt dat ook deze keer niet te lukken. Eén van onze poezen komt nieuwsgierig aan het boek snuffelen en verbreekt zo mijn gemijmer. De afgelopen minuten van bespiegelend peinzen, verdwijnen in de tijd, terwijl de late herfstzon nog steeds pagina vierentachtig overspoeld met haar gloed.
Nu ik opnieuw opga in het verhaal dat in mijn handen ligt, realiseer ik me dat sommige overpeinzingen van de geest niet vergaan. De onderhuidse gedachtenwereld van schrijvers komt bijvoorbeeld via zonverlichte, bedrukte bladzijden weer tot leven. De scheppingen van de geest zijn beter bestand tegen de tijd dan de hand die hen neerschrijft. En misschien staat de geest zelf, los van de tijd.
-

woensdag 13 oktober 2010

Weekboek - 19
-
Verplichte lectuur
-
GroteZoon heeft onlangs de lectuurlijst van school meegekregen. Daaruit moest hij een boek kiezen: te lezen en bespreken tegen de herfstvakantie.
Eerlijk, ik was verrast over de moeilijkheidsgraad van de boeken op deze lijst. Prachtige, boeiende werken, dat wel, maar toch al ‘zware kost’ voor een prille zestienjarige die (jammer genoeg) niet graag leest…
-
Om een idee te geven, zijn dit enkele titels van de lijst:
De Engelenmaker (Stefan Brys – over autisme); De helaasheid der dingen (Dimitri Verhulst – over kinderverwaarlozing, alcoholisme); Kartonnen dozen (Tom Lanoye – over ontluikende homoseksualiteit); Tirza (Arnon Grunberg – over vader-dochterrelatie en waanzin); De wereld van Sofie (Jostein Gaarder – filosofiehandboek in de vorm van een roman); De eenzaamheid van priemgetallen (Paolo Giordano – over adolescentie en eenzaamheid).
-
Verder was ik verrast om in deze lijst ook spirituele werken te vinden van Paulo Coelho (De Zahir) en Hermann Hesse (Siddharta, Narziss en Goldmund) die ik nog niet zo lang geleden zelf gelezen heb. Boeken waar je de tijd moet voor nemen. Lectuur met een diepere betekenis en levensfilosofie die voor een puberende jongen als mijn GroteZoon, nog moeilijk te doorgronden is. En hem bovendien (nog) helemaal niet aanspreekt.
Trouwens, als zestienjarige kwam ik indertijd ook niet verder dan de verplichte schoollectuur van klassiekers als ‘Kaas’ (Willem Elsschot) of ‘Het gevaar’ (Jos Vandeloo). Ook deze werken vind ik nu nog terug in de lijst van GroteZoon!
-
Deze lijst wekte mijn leeslust aardig op en ik kon dan ook de verleiding niet weerstaan er enkele uit te kiezen voor ‘eigen gebruik’. Op dit ogenblik heb ik net ‘De verloren eer van Katharina Blum’ uit, het bekende en verfilmde boek van Heinrich Böll.
Ik ben geen veel-lezer. Het gebrek aan concentratievermogen speelt me parten. Maar het openen van een boek is als een reis naar een boeiende nieuwe wereld en daar kan ik moeilijk aan weerstaan.

woensdag 28 april 2010

Weekboek

hoofdstuk 15

Deze keer geen gedachten. Die fladderen vrolijk buiten onder het zonnetje en ik slaag er niet in hen te vangen...
Wel enkele fragmenten uit het boek dat ik aan het lezen ben: Narziss en Goldmund van Hermann Hesse, een 'klassiek meesterwerk' uit 1957.
-
-
'Ach, de wereld was onbegrijpelijk, en feitelijk een droevige aangelegenheid, maar overigens ook wel mooi, als je goed naging. Je wist niets. Je leefde en je liep wat rond op de aarde, of je liep door de bossen en dan werd je zo nu en dan plotseling aangekeken door iets dat vol beloften was, veeleisend, dat een onbestemd heimwee in je achterliet: een avondlijke ster, een blauw klokje, een rietgroene plas, het oog van een mens, van een koe, en soms kreeg je de indruk dat er iets ongehoords, iets waarnaar toch al heel lang verlangd was, op het punt stond te gebeuren; dat er een grote, alomvattende sluier zou worden weggenomen; maar dan was het voorbij, er gebeurde niets, het raadsel werd niet opgelost en de geheime betovering niet verbroken, en uiteindelijk werd je oud.'

'Kunst, daarin verenigden zich de vaderlijke en de moederlijke wereld, de wereld van de geest en die van het bloed; de kunst kon, uitgaande van de zinnelijkheid, naar het rijk van de zuivere abstractie leiden, maar anderzijds kon zij ook voortspruiten uit een zuiver ideële wereld en eindigen als vlees en bloed. Al die werkelijk hoogstaande kunstwerken, die meer waren dan een geslaagde truc, die vervuld waren van het eeuwige geheim, al die echte, onbetwistbare kunstwerken van waarachtige kunstenaars vertoonden zonder uitzondering dat fatale, glimlachende dubbele gezicht, dit samenvallen van mannelijke en vrouwelijke elementen, dit samengaan van dingen die zowel uit het rijk van de driften als uit de regionen van de pure geest voortkwamen.'