Posts tonen met het label webbies. Alle posts tonen
Posts tonen met het label webbies. Alle posts tonen

zaterdag 5 december 2009

Hoor, wie tikt daar zachtjes tegen het beeldscherm?
-
Op deze avond voor Sinterklaas heb ik voor jullie een verrassing klaar.
Geïnspireerd door het 'stokje' van MizzD ging ik aan het rijmen.
En samen met tekeningen van een studieopdracht uit lang vervlogen tijden
ontstond volgend Sinterklaasgeschenkje.
-

      Fotorantje                                                                                   Leeslinten                                                                                  GerdaYD

           Mamapippa                                                    Ogen in de schaduw                                               Heavenlypictures

Curieuzeneuzemosterdpot                                                                  De Slootjes                                                                                       Klaproos          

dinsdag 6 oktober 2009

Speciaal voor jullie,
trouwe lezers van mijn gedachtenkronkels,
een mini-verhaaltje.
Niet zomaar een verhaaltje, nee,
het is er eentje met jullie in de hoofdrol!
-
-
Niet zo ver van de supersnelle Internetweg ligt een lieflijk en gezellig zijstraatje. Zonder drukte. Je kunt er even stilstaan bij de dingen. Genieten van de nog authentieke sfeer, verrukt blijven kijken naar een stukje onverwacht natuurschoon of een babbeltje slaan met een bewoner die zijn laatste berichten post. Gelukzalige momenten, gestolen van een te drukke dag.
Op het einde van het weggetje ligt een stuk weide waar tijdens de warme zomermaanden enkele koetjes komen grazen, maar het is grotendeels veroverd door klaproosjes die het groen proberen rood te kleuren. Voor zij die het willen zien, lijken het wel hartjes. Langs de berm liggen enkele gemoedelijk ogende honden te genieten van de stilte, die het vallen van de avond aankondigt.
Aan de overkant ligt een klein huisje, geschilderd in vrolijke kleuren. In het vroege voorjaar heeft een merkwaardig dametje er een winkeltje geopend. Op het bescheiden uithangbord staat in witte letters geschreven: ‘Fotorantje’. Het is een geliefd adresje voor enkele vaste klanten, maar ook de toevallige voorbijganger stapt er graag eens binnen. Er staan voor-namelijk foto’s van dieren en planten, het gevolg van de grote liefde van de winkelierster voor deze aardse scheppingen. Anderzijds baadt alles er in een nostalgische sfeer wat nog versterkt wordt door muzikale klanken van weleer die zacht de ruimte vullen.
MamaPippa, die even verderop in het straatje woont, komt binnen. Schel geklingel verraadt haar aanwezigheid. Haar hand op de verroeste deurknop duwt de deur terug dicht. Haar passie voor fotografie drijft haar vaak naar binnen. Antje komt haar begroeten.
Mamapippa neemt een boek van de oude eikenhouten plank alsof het om een eeuwenoud manuscript gaat. ‘Heavenly Pictures’ staat er in stijlvolle klassieke letters op de zwarte blinkende kaft. Ze bladert voorzichtig door de gladde pagina’s. De eerste foto’s met landschappen en natuur stammen uit de eerste periode van de amateur-fotografe, haar tweede periode bestaat uit meer experimentele foto’s. ‘Dit lijkt me wel wat’ zegt ze met bewonderende blik in haar ogen.
‘Ja, soms lukt het me wel iets unieks in huis te halen’ antwoordt Antje vol trots. ‘Gisteren kwam er hier een curieuzeneuze rondsnuffelen tussen al mijn oude spulletjes. Toen ze mijn antieke mosterdpot in de gaten kreeg was ze in de zevende hemel. Ze reist de ganse streek af op zoek naar bijzondere plaatsjes om te fotograferen. Ooit wint ze daarmee nog eens één of andere wedstrijd, zeker weten!’.
Terwijl ze dit zegt, ziet ze voor haar etalage een man van zijn fiets stappen en luttele seconden later de deur opengooien met een krachtige zwaai. ‘Heb je ’t gezien?’ vraagt hij. Er ligt een hoorbaar koortsachtige toon in zijn vraag. ‘Wat dan’ vragen beide dames verbouwereerd. De man, nog nahijgend van het duidelijk té snelle fietsen, probeert te spreken maar de woorden komen niet. De dames verbijten hun nieuwsgierigheid en begeleiden de geschokte man naar de rozentuin achter het huis. Temidden van deze kleurige geurige pracht komt hij stilaan weer tot rust. ‘Ik zag het vallen, het landde net voor mijn fiets: een gouden lepeltje, zomaar uit de hemel’ rolt er uiteindelijk over zijn nog trillende lippen. ‘Zouden ze daar dan toch rijstpap eten?’
-
(Lezers die hier niet vermeld werden, komen misschien nog aan de beurt in een eventueel vervolg)