Jaja, jullie mogen jubelen: ook de J is gelukt! Jawel!
-
-
woensdag 11 november 2009
Woordendromer
- Ik ben geen spraakwaterval Toch borrelen, als water uit een bron, woorden op in mijn hoofd Maar hun vrije stroom wordt belemmerd als ze de poort van mijn lippen bereiken Daar klotsen ze tegen de wanden, komen in draaikolken terecht en worden troebel Ze verliezen hun kracht en sijpelen aarzelend doorheen mijn lippen Daar buiten lijkt dit stroompje woordenwater onbetekenend Zijn murmelend geluid gaat verloren tussen het gedruis van snelstromers - Ik ben een woordendromer Flarden gedachten hangen als nevels in mijn hoofd Starend in de grijze massa probeer ik hun silhouetten te onderscheiden Op de tast tracht ik ze te benaderen om hun ware aard te ontrafelen Ideeën doemen op als zwakke lichtschijnsels in wazige contouren van huizen Ik loop op hen af als naar een baken in de mist en open hun deuren Daar binnen baden woorden in een gouden licht en tonen hun geheimen - Ik schrijf woorden liever neer Gedachten worden woorden worden zinnen en verschijnen zwart op wit Ik gooi ze als veertjes in de lucht, door de wind gedragen gaan ze hun eigen weg Dankbaar dat ze tot mij gekomen zijn, laat ik ze nu gaan. Bevrijd kijk ik hen even na, mij stilletjes afvragend wat er van hen zal worden. Vinden ze ooit een nieuwe thuis in een luisterend oor of in een zoekend hart? Misschien, misschien ook niet, maar ze wilden zo graag gehoord worden. -
- Toen ik nog kind was leek het leven zo heerlijk, een wonder, mooi en magisch. Vogeltjes in de bomen zongen zo vrolijk, de zon, de maan en de sterren keken me glimlachend aan. - Maar dan moest ik leren verstandig handelen en logisch denken, verantwoordelijkheid nemen en praktisch ingesteld zijn. In die grote wereld moest ik betrouwbaar zijn, ontledend, intellectueel, cynisch. - Ik moest oppassen wat ik zei of ze noemden me een dromer, een fantast of naïef en onvolwassen. Ik moest doen wat de anderen van me verwachtten om aanvaardbaar, respectabel, presentabel te zijn, een marionet! - Maar soms, terwijl die vreemde wereld sliep, verschenen er vragen, te diepgaand voor een eenvoudige man. Wie kan mij vertellen over het Leven? Heb ik eigenlijk al iets geleerd? Over de wereld wist ik veel, maar niemand had me al verteld wie ik ben. - Ik ontdekte wijze woorden die mij leerden over het Leven binnenin mij dat overweldigd door opgelegde normen, zich verlegen schuilhield. Maar onder te grote druk viel zijn schelp in scherven uiteen en stond het naakt tegenover de hamerende wereld. - De slagen kwamen hard aan maar het overleefde en het kreeg een nieuwe, rustiger weg aangeboden. Het Levenslicht in mij wil schijnen, genieten van het wonder, mooi en magisch en droomt nu luidop ‘gouden lepeltjes’… - Geïnspireerd door ‘Logical song’ van Supertramp. -
'Het IK was het, dat ik naar zin en wezen wilde kennen. Het IK was het, waarvan ik mij los wilde maken, wat ik overwinnen wilde. Maar ik kon het niet overwinnen. Loochenen kon ik het, het ontvluchten of mij ervoor verbergen, dat was het enige wat ik vermocht. Waarachtig, niets ter wereld heeft mijn gedachten meer beziggehouden dan dat IK van mij, het wonderbaarlijk feit dat ik leef, dat ik als eenling leef, gescheiden en afgezonderd van alle anderen, dat ik en niemand anders Siddhartha ben! En tegelijkertijd weet ik over niets ter wereld minder dan over mijzelf, over Siddhartha.'
Uit Siddhartha (Hermann Hesse)
Twee vogels, onafscheidelijke metgezellen, strijken neer op dezelfde boom. De een eet van de vruchten, de ander kijkt toe.
De eerste vogel is ons individuele zelf dat zich voedt met het genot en de pijn van deze wereld; De andere is het universele Zelf dat zwijgend getuige is van alles.
Mandaka Upanishad
Een mens is een deel van het geheel, door ons 'heelal' genoemd, een deel dat in tijd en ruimte beperkt is. Hij ervaart zichzelf, zijn gedachten en gevoelens als iets dat gescheiden is van de rest - een soort optisch bedrog van zijn bewustzijn. Dit bedrog is een soort gevangenis voor ons en beperkt ons tot onze persoonlijke verlangens en tot genegenheid voor enkele personen die het dichtst bij ons staan. Onze taak moet zijn ons uit deze gevangenis te bevrijden door ons gebied van medeleven te vergroten zodat het alle levende schepselen en de hele natuur in haar schoonheid gaat omvatten. Albert Einstein
Mensen reizen om zich te verwonderen over de hoogte van de bergen, over de reusachtige golven van de zee, over de lange lopen van rivieren, over de uitgestrekte ruimte van de oceaan, over de cirkelvormige beweging van de sterren; en ze gaan zichzelf voorbij zonder verwondering.
St. Augustinus
Alles wat we moeten weten, staat geschreven in het grote boek der natuur. Er is slechts moed, een heldere geest en een reine ziel voor nodig om erin te lezen. (Carlos Ruiz Zafon)
‘Ik moet vooruit kijken, kijken naar het beeld van de persoon die ik wens te worden, voortbouwend op wat ik heb geleerd en ervaren, zonder daar echter steeds naar terug te blikken. Ophouden met te zijn wie ik was, mezelf vinden en worden wie ik ben.’ (Paulo Coelho)
Het Leven slaapt in de ruwe aarde, droomt van schoonheid in de bloemen, ontwaakt met kracht in de dieren en heeft in de mens bewustzijn van eindeloze mogelijkheden.
Alle foto's en teksten die op deze weblog gepubliceerd worden, zijn eigendom van 'gouden lepeltje'. Ze mogen enkel gebruikt worden op aanvraag en met bronvermelding.